Zonsondergang Essaouira
NAAR EL JADIDA
15,16 september 2008
Na, op verzoek van de altijd aardige havenmeester van Mohammadia, een lijst gemaakt te hebben met aanbevelingen voor verbetering van de haven en club en afscheid genomen te hebben, vertrekken we. De dag begint nevelig. Moterend langs de kust komen we in steeds dichter wordende mist. Met de radar aan vervolgen we onze weg. Als we verder uit de kust gaan komen we na enkele uren uit de mist. Om 12.30 is er eindelijk genoeg wind om te zeilen. Eind van de middag is de wind weer al op. Met de plof aan lopen we om 18.15 El Jadida aan. Afgemeerd als 3e boot aan de kade. De Bella de Zweedse boot met drie kleine kinderen aan boord ligt als binnenste aan de kade. Meteen geroep van zenuwachtige mannetjes op de wal. We brengen je naar de douane enz. Dat blijkt niet te kunnen want die zijn voor gebed naar de Mosk. Het gaat alleen om goederen en geld. We geven een halve edammer. Later vernemen we van de Zweden dat de omkooppresentjes niet voor hen, maar voor de douane bedoeld zijn. Maar dat blijft ook lastig. Je moet altijd naar 3 of 4 diensten: Politie, immigratie, douane en het havenkantoor waar je later moet afrekenen voor je verblijf. Uiteindelijk geef ik een pak koffie aan de verkeerde dienst, en ja, die zegt natuurlijk ook geen nee. Bij de andere dan maar je tijd uitzitten en net doen of je gek bent! Maar goed, als alles achter de rug is heb je verder geen problemen meer en ze blijven altijd super vriendelijk.
SMURRIE
Het haventje is klein en het water ongelofelijk vies!! Het tijverschil van 3 meter is niet in staat om het haventje voldoende te verversen. Dat weerhoudt de plaatselijke bevolking er niet van om vanaf de kades onafgebroken te vissen in deze smurrie. De jeugd zwemt hier voor wat verkoeling ook vrolijk in rond. Vanaf onze ligplaats hebben we wel een prachtig uitzicht op de muren van de vesting die de Portugezen hier bouwden. Degelijk werk want nog steeds in redelijk goede staat.
We wandelen rondom over de vesting muur. De onkruidbestrijdingsploeg ligt in de schaduw te slapen. Dus de gewassen tieren weelderig op de muur. We bezoeken de cisternen. Een schitterend waterreservoir onder en midden in de ommuurde medina. Redelijk verzorgd met aardige gids en maquette van de hele vesting. Maar als je dan ziet hoe vervallen de oude prachtige Portugese huizen binnen de vesting er uitzien, vraag je je af hoe dit alles in zo’n vervallen staat gekomen is. Geen geld voor enig onderhoud, hier wonen mensen uit de “ laagste twee klassen”. Deze mensen hebben geen honger, maar daarmee is alles gezegd. Toch blijven ze altijd vriendelijk.
17,18 september 2008
Na 2 dagen zijn we de geur van vis, slik en vuiligheid beu. Moterend begonnen, dan zeilend. De wind gaat er vandaag vroeg uit, dus de motor weer aan. Het wordt een prachtige nacht met volle maan, dus er is van alles te zien. Maar onder de morgen verdwijnt de maan in de opkomende bewolking. Even later regent het!! Dat is iets wat we niet meer gewend zijn. Er is nu weer geen enkel zicht. We draaien moterend onze wachtjes. 2 uur op 2 uur af. Wat is een radar toch een onmisbaar instrument. Op een bereik van 1,5 mijl ziet hij zelfs de kleine visbootjes op de golftoppen van de immer aanwezige Atlantische deining. De volgende dag grote scholen dolfijnen! Half bewolkt weer. Wind om te zeilen! Nog 30 mijl. Boot loopt als een speer! Half de middag lopen we Essaouria aan. Steeds vraagt Riet zich af of het diep genoeg is en er ruimte is in deze kleine haventjes. Maar we gaan steeds met opkomend water naar binnen. Als we afgemeerd zijn berekenen we hoeveel water eraf gaat en liften de kiel. Nu toch steeds weer een groot voordeel. Anders hadden we deze schitterende plaatsjes moeten missen! Buitenom de gebruikelijke opwinding voor hulp met de papierwinkel is hier nog wat extra opwinding. Afgemeerd aan een enigszins haveloze boot ga ik aan wal voor het rondje kantoortjes. Dat is hier in een uurtje al gepiept. Maar als ik terug kom is Riet in een oververhitte staat van opwinding. De boot waar we aan liggen blijkt een rondvaartboot. Dat had de kapitein niet tegen met gezegd toen hij om whisky en sigaretten vroeg! Er waren klanten, dus touwen los en varen. De situatie werd er niet beter op toen hij terugkwam en wij met een inmiddels aan ons afgemeerde Nederlandse boot in het niet al te grote havenkommetje ronddreven.
REDDINGSBOOT PARAAT?
Weg daar dus! De enige andere plaats is aan de reddingsboot. Daar meer je natuurlijk nooit aan af! Maar er liggen al twee boten aan. De Rythme of Life en nog een Nederlandse boot. Opeens een Nederlandse kolonie dus. Maar hier is afmeren aan een reddingsboot geen probleem. Zoals met alles is het een kwestie van onderhandelen. Iemand krijgt wat en het is geregeld. In dit geval moest er altijd iemand op een van de drie boten aanwezig zijn. We hebben ook nog diesel getankt. Dat moest met jerrycans en een karretje. Er is lang onderhandeld over de transportprijs. Uiteindelijk gaven we iemand de kans om in een uur een weeksalaris te verdienen. Wat doet hij dan? Huurt iemand in met een kar, en moet nog delen met twee sjouwers. Komt eerst nog klagen dat de prijs omhoog moet omdat hij moet delen, waarop wij zeggen: waarom ga je zelf niet werken! Uiteindelijk krijgt de douane ook nog lucht van het transport. Ze willen van ons weten hoeveel liter en wat we de heren betaald hebben. Uiterst vriendelijk, maar wel op het moment dat het stempel voor uitreis met de daaraan klevende inkt boven het paspoort zweeft.
Nou Florence je hebt niets te veel gezegd! Inderdaad een prachtig oord. De souks, marktstraat en de zonsondergangen vanaf de stadswallen! Maar voor ons toch vooral de vissershaven!
DE SCHEEPSBOUW EN VISERRIJ
In Mohammadia werd mij een fotoverbod opgelegd op de scheepswerf. In dit geval zijn regels gelukkig volkomen willekeurig. Want hier is de scheepbouw open en bloot op de kade! Rondneuzend natuurlijk een mannetje die wil helpen met informatie! Hij heeft een klein notitieboekje met tekeningetjes van de verschillende manieren van vissen. Omdat hij Engels kan is hij een waardevolle informatiebron. Er lopen hier veel toeristen rond, dus hij vertelt een kort verhaaltje en zegt dat ze een foto mogen maken. Bij een fooi roept hij uiteraard uit dat dit schandelijk weinig is voor deze hoeveelheid werk.Het vissen gaat hier op vier manieren. De eerder beschreven kleine boten van 4 a 5 meter met buitenboordmotor. Daarmee wordt gevist op de sardines met drijfnetten. Ze blijven voor een dag of een nacht buiten en verkopen hun vis rechtstreeks op straat aan de consument. Met deze boten wordt ook op grote vis gevist. Dat gaat ook voor meerdere dagen. Soms blijven ze drie nachten uit! Tot wel 40 mijl uit de kust. Gewikkeld in een deken pakken ze om beurten een paar uur slaap. Soms liggen ze totaal uitgeput op een stapel netten op de kade te slapen. Ze vissen met 5 tot 10 van piepschuim gemaakte boeien. Aan elke boei lijnen van een paar honderd meter met heel veel haken waaraan sardines of ansjovis als aas gaat.
Als de boeien uitgezet zijn blijven ze in de buurt ervan. De boei is niet meer dan een enorme dobber! Bij heftige beweging of aan de haal gaan wordt het gevecht aangegaan.
LEVENSGEVAAR
Er worden op die manier, met risico van omslaan, zwaardvissen en haaien tot wel 1,5 meter groot in deze kleine bootjes gehaald. In deze tak van visserij verdrinken nog steeds veel mensen. Geen zwemvesten, geen marifoon.
De vloot kleine visboten in de haven voor het vrijdagavondgebed
De grote kotters worden in drie maten gebouwd. Voor de sardinesvangst ca 18 meter. Voor het lijn- en boeienvissen ca 20 meter. En tenslotte hektrawlers tot 30 meter. Alle bouw is traditioneel en in hout. Daar lijkt voorlopig geen verandering in te komen omdat staalbouw hier veel duurder is. De enige werf in het noorden die dit geprobeerd heeft is inmiddels failliet. De kielbalk is uit twee Iroko stammen gemaakt. Het Iroko komt uit wat ze hier noemen “diepzwart Afrika”. Uiteraard niet zoals in Nederland met certificaat. Het hout is hier goedkoop.
BEDRIJFSSPIONAGE
De spanten worden gevormd uit het plaatselijke eucalyptus hout. Kost bijna niets. De duimse beplanking uit Iroko en eucalyptus. Het dek weer van Iroko. Zo’n schip gaat bij regelmatig onderhoud 100 jaar mee. Het weegt ca 60 ton en heeft zo’n 600 pk motorvermogen. Zware olie is de brandstof. Ze roken zo zwart als de kachel, ook in de havens! Op de werven is het volgende gereedschap aanwezig: Een lintzaag, en vaak een elektrische handschaaf. Voor de rest hand gereedschap. Mallen van spanten worden genummerd bewaard. Bouwtijd van een schip 1 jaar. Alleen na opdracht. Kosten: 40 tot 50.000 Euro afhankelijk van motor en verdere uitrusting. Voor deze informatie heb ik de gids, die (gepensioneerd) visser is, de eerste dag een kleine beloning gegeven. Op een niet werkdag heeft hij me binnen de omheining van het werfterrein gesmokkeld voor foto’s. Daarvoor had ik hem vooraf het tweede deel van zijn gage beloofd.
casco sardienkotter
onderzijde
detail spanten
VANGST EN VISSERIJ
We zijn hier in, waarvan men zegt, (nog) een van de visrijkste wateren ter wereld. Er wordt dan ook veel vis gevangen. Rechten worden ook alweer buitenlands verkocht. Japan, Rusland en Nederland worden genoemd. Wij hebben geen buitenlandse kotters gezien in de Marokkaanse havens. We horen de sardien-kotters elke nacht uitvaren nadat ze gelost zijn. In de loop van de middag en avond komen ze de haven binnen. Soms wordt gevochten om een eerst plaats met de neus aan de kade. Deze kotters brengen met grote hoeveelheden met in drijfnetten gevangen vis (in ieder geval in deze tijd van het jaar) aan wal. Op de boot onder zeewater gehouden, op de wal in koelauto’s afgevoerd. Na lossen direct weer vertrekken. Er zijn minimaal 10 man op een kotter. Waarschijnlijk wordt er in ploegendienst gewerkt, want het gaat continu door. De kleine bootjes van de sardienvisserij varen ook dag en nacht af en aan. Maar hier gaat het totaal anders. Ook de gebruikelijke ruzies voor losplaats. De vaak gevangen hoeveelheden zijn vaak klein, een enkele keer een boot vol. Wordt op hoopjes op de kade uitverkocht aan de consument. Je lust voorlopig geen vis meer! In deze warmte wordt de vis gekoeld met water uit de zeer vervuilde haven!! Meer dan een halve dag ligt de vis in de zon! Daartussen proberen de, met op grote vis vissende kleine bootbezitters, hun vis te verkopen. Zwaardvis, zeepaling, dorade. Krabben, inktvis enz. In de loop van de middag lopen verdwaasde toeristen met zakdoeken voor de mond tussen de handel. Als het bijna donker is daalt de prijs. Het haventerrein wordt leger. Armen en bedelaars (klasse1) zoeken tussen viskoppen, staarten en ingewanden naar iets eetbaars. Tenslotte worden ze verdreven door enorme hoeveelheden zeemeeuwen en katten die het haven terrein weer schoonmaken! De gemeentereiniging is hier niet actief! De volgende dag komt de straathandel in de loop van de morgen weer op gang. Wij nemen een foto van een prachtig visbootje met een romantische zonsondergang. Maar er is ook een heel andere kant aan het levende Jan Steen schilderij!
25 september 2008
VERTREK
Na bijna een maand in fascinerend Marokko gaan, na naar buiten gemoterd te zijn, twee boten onder zeil. De Rythme of Life en de Lady of the Lowlands. De wind sterkte is net iets beter dan volgens de windgribs voorspeld. De spinaker gaat erop en met de noordoostenwind presteert de Lady optimaal. Met 5 knoop wind en 5 knoop snelheid, precies een windhoek van 120 gr. Er gaat wel 15 ton door het water! Met meer wind schiet harder op. Eind van de middag gaat hij er af. De afgesproken windgrens van 18 knoop is bereikt. Toch wel meer dan de windgribs voorspelden. Met grootzeil en genua gaan we lekker door. s’Nachts nog een probleem. Bij het wegrollen van de genua draait Riet ongemerkt de loshangende schoot mee in het zeil waarna er niets meer te rollen valt. Met de spi val en de reserve genua val weet ik het loshangende deel redelijk strak rond de voorstag te twisten. We gokken erop dat het bij het eerste morgenlicht even windstil wordt. Op dat moment slagen we erin de zaak te klaren door het zeil naar beneden te halen. Nadat alles weer op orde is blazen we even uit. Ondanks dat we een paar uur hieraan gemodderd hebben, zijn we zo hard gegaan (of net niet hard genoeg?) dat we al s-avonds om ca. 10.00 de Canarisch aan kunnen lopen. Hoe dan ook we willen de aanloop van Graciosa niet in het donker doen. Dus om 12.00 uur beginnen we de rest van de dag af te remmen door zeil te minderen om nog een volgende nacht op zee te blijven. Die nacht kloppen de gribs en de wind gaat eruit tot 5 knoop of minder. We rekenen uit dat met een motersnelheid van 3 knoop bij het eerste morgenlicht de haven te bereiken valt. Er is die nacht niets te zien. Geen maan, geen sterren, alleen zwart! Met de radar erbij wordt het een zeer rustige nacht waarbij we om beurten de gemiste rust van de vorige nacht in kunnen halen. Bij het eerst morgenlicht wordt het beeld van de straat tussen Lanzarote en Gracioca op de radar nu ook buiten waarneembaar. Kaart en radar kloppen weer, we zijn er!